Dagboek Reis naar Malawi 2016

Voor de 6e keer heb ik een reis gemaakt naar Malawi. Ruim drie weken was ik, samen met studentes Lara en Sarina, te gast bij Lucy en Andrea en hun kinderen. In vele opzichten een enerverende reis. Anders dan voorheen. Het was nu ook de bedoeling om veel patiënten te behandelen en dat hebben we geweten. Een grote stroom bewoners van de streek Mphangala heeft de weg naar de kliniek gevonden. Sommigen kwamen van dichtbij, anderen liepen vele uren. In dit verslag zal ik per onderwerp beschrijven wat ik heb meegemaakt. Lees mee en probeer je te verplaatsen in de mensen daar en misschien relativeer je dan je eigen leventje hier, of ga je dat nog meer waarderen. Wil je mij van dichtbij een keer horen praten (met mooie beelden en misschien patiëntenverslagen), vraag gerust en ik kom.

Veel plezier met lezen.

 Stage

Voor de eerste keer nam ik stagiaires mee. Sarina had mij lang geleden al gevraagd om mee te mogen en te zien hoe homeopathie wordt toegepast in Malawi. Lara wilde ook heel graag mee en in het voorjaar van 2016 hebben we dit allemaal georganiseerd. Joyce zorgde voor de tickets, we hebben de reis heel goed voorbesproken en ik heb verteld wat de dames zouden aantreffen. De grote toeloop van patiënten was mogelijk doordat er nu gratis behandeld kon worden. Ik leg dat verderop wel uit. Het betekende dat we van 22 juli t/m 16 augustus in totaal 483 patiënten hebben gezien en behandeld. Allemaal zijn ze volgens de regels van de klassieke homeopathie behandeld en met een medicijn naar huis gegaan. Dat betekent dat we gemiddeld per dag 21 patiënten zagen, met grote uitschieters naar boven en naar beneden. Op twee dagen (een zondag en een zaterdag) werkten we niet en er was ook een uitschieter van 46 patiënten op één dag. Het tempo ligt dan vreselijk hoog, maar met behulp van ‘het complete symptoom’, het Repertorium en flink wat jaren ervaring kwamen we een heel eind. Misschien heb je enig verstand van het vak en denk je dat dat niet kan of dat de kwaliteit van de voorschriften dan niet best zal zijn. De praktijk leert geheel anders, alle consulten zijn vastgelegd in de dossiers en wie onderzoek wil doen…… Ik heb voor mijn eigen database ongeveer 65 patiëntenfiles gefotografeerd en inmiddels uitgetypt en overgebracht in PowerPoint. Ik gebruik ze voor publicatie en lesdoeleinden. Je zult zien dat de grote lijnen van de homeopathie altijd gevolgd worden en dat de resultaten zeer bemoedigend zijn. We hadden afgesproken dat ik in het begin alle consulten zou doen, met Andrea als mijn vertaler, en dat Lara en Sarina – als ze dat wilden – na verloop van tijd ook zelf de consulten konden doen, ook dan met Andrea als vertaler. Lara heeft daar gebruik van gemaakt en ik denk dat ze veel geleerd heeft. Niet alleen door te kijken naar wat ik deed, maar ook door zelf aan de slag te gaan. Al heel snel had ik door dat zowel Lara als Sarina goed thuis waren in het Repertorium en inmiddels is hen ook duidelijk dat het zonder dat boek in Afrika, met deze aantallen patiënten, niet gaat. Beide hadden ze twee jaar studie achter de rug en voor mij was het inderdaad opgevallen dat ze thuis waren in deze fameuze index. Het valt niet mee als je als beginnende student in zeer korte tijd dag na dag tientallen patiënten aan je voorbij ziet trekken en nog steeds kunt volgen wat er tijdens een consult gebeurt. Bovendien kregen ze door de grote aantallen heel duidelijk te zien wat de problematiek (medisch, economisch, sociaal) is in dit deel van de wereld. Ik schrijf daar later nog over.

Door omstandigheden ging Sarina een weekje eerder naar huis en Lara behandelde in de laatste week zelf een aantal patiënten. Prima gedaan. Met Lara was ik aan het eind van ons verblijf nog een dag in Mzuzu om weer even te wennen aan ‘geen patiënten’ voordat we weer naar huis gingen. We bezochten de markt, St. Peter’s Cathedral (met indrukwekkende muurschildering) en douchten weer heerlijk in de lodge. Tijdens voorgaande reizen vergezelde Joyce mij vaak en wij zijn het wel gewend om samen patiënten te behandelen. Nu met stagiaires beviel het me ook heel goed en behalve het behandelen van patiënten konden we ook heel veel uitwisselen over homeopathie, over praktijkvoering, over leerstrategieën en over nut en noodzaak van het kennen van het Repertorium (als je broekzak of je handtasje). Ik vond het een zeer geslaagd bedrijf. Lees je dit en wil je dit ook een keer meemaken. Vraag me gerust en het is zeker mogelijk om met mij op reis te gaan naar dit prachtige land en uitermate vriendelijke mensen. Wel kom je onderaan de wachtlijst. Als je er bent zorgt Lucy uitstekend voor je en Andrea legt je de cultuur van Afrika wel uit. Yewo chomene.

De katapult en andere wapens

Wie ooit bij mij thuis geweest is weet dat we het huis verwarmen door vrijwel alleen een houtkachel te stoken. Per jaar moet ik daarom zorgen voor zo’n 8 tot 10 kuub hout. Een prettige afwisseling met al het werk in de praktijk, het schrijven en lezen. Voor een deel voel ik me ook wel een houthakker en natuurlijk staan er zagen en (kloof)bijlen in de schuur. De laatste jaren pas laat ik me ook helpen door een kettingzaag en ander elektrisch gereedschap. Tot voor een aantal jaren geleden was het allemaal handwerk. Dat doet Lucy in Mphangala ook. Zij zorgt voor een houtvoorraad om op te koken en als je ruim drie weken bij Andrea en Lucy in huis bivakkeert, zie je pas hoe veel hout er jaarlijks bij hen verstookt wordt. Het American Peace Corps heeft ooit in Malawi geprobeerd om met een steenoven (er zijn er honderden ter plaatse gebouwd) een manier van hout stoken te introduceren waarbij er bespaard kan worden op het brandhout teneinde ontbossing tegen te gaan. Het bleek geen succes: de vuren werden niet heet genoeg. Lucy stookt het liefst gewoon op de grond en ze heeft een uitstekende techniek van ‘hoger of later’ zetten van het vuur. Graag zit ik bij haar in de  keuken om ervan te leren. De kinderen kunnen het ook. Ze hebben niet anders gezien in hun leven. Kortom, Lucy heeft een houtvoorraad en vult die aan door geregeld de heuvel achter hun huis op te klimmen en de bomen uit te zoeken en om de hakken en het hout vervolgens naar beneden te transporteren, zodat ze nooit om een stammetje verlegen zit. Het vergt heel wat organisatie om de aanvoer op orde te houden. Haar belangrijkste gereedschap is een bijl, een Afrikaanse bijl, en in Tumbuka taal heet die dan ‘mbavi’. Ze worden handgemaakt en het zijn bijlen die  niet ‘kunnen’. Ik bedoel, als jij naar de bijl kijkt en je geeft er een flinke klap mee, dan denk je zomaar dat de steel direct zal splijten. Dat is echter niet het geval en de bijl gaat een leven lang (met je) mee. Al jaren zie ik de mensen in Malawi werken met deze bijl en hoewel ik er in mijn schuurtje genoeg heb liggen, wil ik toch graag ook een ‘eigen mbavi’. Aan Andrea gevraagd wie er eentje voor me kon maken leverde op dat ik kennis maakte met de smid in het dorp. Een door mij aangeleverde rietstengel bepaalde de diagonaal van mijn koffer, zodat het werktuig ook mee naar huis kon. De prijs werd afgesproken: 1000 Kwacha voor het ijzer en 250 Kwacha voor de steel, totaal dus 1.250 Kwacha en omgerekend is dat ongeveer € 1,25. Daarvoor moet de smid dan twee dagen werken. Het ijzer wordt met een ander ijzer van een strip ijzer (heet gemaakt in een vuur) afgeslagen en vervolgens aangescherpt. Voor de steel wordt een bijzondere tak gebruikt die niet kan splijten en het ijzer brandt (weer heet gemaakt) een gat in de steel. Klaar is de smid. Ik vond dat kwaliteit en prijs van de bijl niet in overeenstemming waren met elkaar en betaalde hem 5.000 Kwacha en de smid vond het fijn. Ter vergelijking: een halve liter bakolie kost op de markt 900 Kwacha en dat vinden ze daar heel duur. Later vertel ik nog wel eens iets over de devaluatie van de Malawische Kwacha (MKW). Kortom, ik nam een ‘mbavi’ mee naar huis. Lara deed hetzelfde voor haar oudste en ook die bijl kon mee in haar koffer. Behalve een bijl als gereedschap,  gebruikt Andrea (in feite zijn zoon Wilson) een katapult om de apen bij hun huis weg te houden. Als Andrea van huis is (in de kliniek dus) weten de apen dat er geen volwassen man meer aanwezig is en dan zijn ze veel brutaler. Misschien raar, maar apen hebben voor vrouwen geen ‘respect’ en zo proberen Lucy’s pinda’s te stelen en schuimen rond om meer voedsel te jatten. Teneinde ze te verjagen gebruikt Wilson (16 jaar) een katapult en dat werkt behoorlijk goed. Een katapult kun je natuurlijk zelf maken, maar ze zijn ook te koop op de markt en zo kwam het dat Lara voor haar oudste ook een katapult kocht op de markt. Ze kocht een mooi maatje voor kinderhanden en dan maar schieten op een blikje op een paaltje. Oefenen voor de jacht. Ook kocht ze een drum met geitenvel. Kon niet in de koffer, dus onder de arm mee naar huis. Aangekomen in Nederland wilde de douane weten waar we vandaan kwamen en wat voor vel er op de drum zal. Het bleek een geitenvel te zijn en dat mocht. Maar………de ambtenaar zag aanleiding genoeg om al onze koffers te willen nakijken en jawel hoor, daar lag ook de katapult. Invoer mocht niet: een katapult valt onder de wapenwet. Politie erbij en een aantal uren verder en € 200 armer mocht Lara alsnog het land in. Wat een kleinzieligheid. Alsof ze een terrorist was. Vier politieambtenaren moesten zich drie uur lang bezig houden met het in beslag nemen van een katapult van € 0,50 en een Officier van Justitie (jawel!!!) legde haar een straf op van € 200 voor dit giga-misdrijf. Wel een verhaal voor thuis. De bijl mocht mee. Een bijl is geen wapen maar een werktuig. Dat dan weer wel. We vonden het allemaal horen bij de afdeling ‘zieligheid’.

De economie en de patiënt

In 2010 ging ik voor het eerst naar Malawi. Voor € 1,00 kreeg ik in die tijd (Malawian Kwacha) MKW 250. Vorig jaar was dat al gestegen naar MKW 500 en dit jaar kreeg ik voor onze harde euro MKW 800. Dat betekent dat het leven voor de mensen in Malawi heel erg duur is geworden. Voor mijn begrip zijn de prijzen uitermate laag, nog steeds, maar een basisloon voor de doorsnee Malawiër is ongeveer MKW 30.000 per maand. Een politieman/vrouw krijgt aan het eind van de maand MKW 50.000 en zit je iets hoger in een organisatie dan vang je 80.000 per maand en dat is op dit moment zo’n € 64,00. Dat is – ook met de relatief lage prijzen daar – geen vetpot hoor.

Ik heb gesproken met een nachtwaker bij de lodge in Mzuzu en die werkt elke dag in de maand van 6 uur ’s avonds tot 7 uur ’s morgens en krijgt daarvoor dan MKW 15.000. Dat is echt armoede hoor. Je werkt dan 30 lange nachten voor ongeveer €12 per maand.

Met deze bedragen in het hoofd leg ik ook uit wat tot voor kort de patiënten bij Andrea voor een behandeling moesten betalen. Vroeger (een jaar of 6 geleden) werkte Andrea gewoon thuis op het land. Nadat hij een opleiding tot homeopaat kon krijgen (hij pakte die gelegenheid met beide handen aan) ontwikkelde hij zich langzamerhand tot homeopaat en werkt nu in de kliniek. Dat betekent dat het werk op het land door Lucy en de kinderen gedaan moet worden. Of…. en dat was de bedoeling, Andrea kon iemand inhuren die voor hem het werk op het land zou doen. De patiënten zouden hem immers gaan betalen. Ideaal. Kosten voor een behandeling bij Andrea: MKW 300 (of MKW 200 als je die MKW 300) niet kunt betalen. Voor dat geld krijg je dan de gehele behandeling, inclusief (schoon) (drink)flesje met medicijn. Andrea moet dat flesje zelf betalen en ook de alcohol die erbij moet om het medicijn ‘houdbaar’ te houden. MKW 300 is ongeveer € 0,35 en het lege flesje kost al € 0,10. Aantal patiënten per dag (vorig jaar en ook dit jaar vóórdat ik nu kwam): drie tot vijf per dag, zeker niet meer. Daarbij waren dan altijd nog zgn. NPP’s, Non Paying Patients; mensen die echt ziek zijn en komen en durven te vertellen dat ze echt geen geld hebben. Inkomen van Andrea per maand op deze manier: MKW 6000 per maand (ongeveer € 5,00). Je begrijpt dat dat niet gaat. Hoe verder van de stad (Mzuzu of Rumphi) hoe groter de kans dat er nog enig circulerend geld is, maar ook in Mzuzu heb ik bittere armoede gezien.

Kort en goed, bij Andrea in de vallei zijn veel mensen die geen geld meer hebben. Zelfs niet dit soort heel kleine bedragen. Natuurlijk weet ik: de regering is corrupt en aan de top zit zeker wel geld, maar de gewone mensen op het platte land…. ze hebben variërend van heel weinig tot niks. Waarvan leven ze dan? Ze leven van wat hun land opbrengt. Op zich kan dat nog wel, maar dan moet het land ook wel wat opbrengen. Helaas, het klimaat is gewijzigd. Daar eten wij geen aardbei minder om, maar in Malawi regent het nu in het regenseizoen óf veel te weinig (en groeit de jonge maïsaanplant niet) óf veel te veel (en spoelen de jonge maïsplantjes weer van de heuvel. Heb je pech, dan is je oogst zeer gering en heb je maar voor een paar maanden te eten en moet je wachten op de volgende regentijd en dan maar hopen dat het op de juiste tijd rustig regent. Ik volg Malawi nu 7 jaar en heb het werkelijk zien veranderen. Natuurlijk waren er in voorgaande jaren ook wel foodprograms, maar ik had tot dit jaar niet eerder meegemaakt dat een vrouw aan het eind van het consult via Andrea aan me vraagt: “Hebt u ook wat te eten voor me. Ik heb niets meer.” Andrea vertaalt en zegt tegen me: “Het is zo, ze heeft niets”. Dit is er maar één en ze heeft de moed om me de vraag te stellen. Ik denk vlug na en zeg haar om op zondagmorgen naar het huis van Andrea en Lucy te komen. Natuurlijk kan ik dit niet in mijn eentje oplossen. Het is een structureel probleem in Afrika, Malawi, maar…………het zijn mensen die bij mij aan tafel komen zitten en dan ben ik deel van het probleem en van een mogelijke oplossing. Wat heb ik vervolgens gedaan? Ik heb hierover gepraat met Andrea en vervolgens ook met Lucy. Lucy weet de wegen hoe ze zo voordelig mogelijk aan maïs kan komen. Lucy gaat niet haar eigen maïs weggeven. Dat kan niet. Er zijn bij hen 10 monden te vullen en er is eten voor een jaar op voorraad. Die voorraad moet in tact blijven. Daar mag niets van af, anders komt Lucy in de problemen. Lucy stelt voor dat zij op de ‘markt’ (dat betekent daar waar maïs tegen een redelijke prijs te koop is) voor drie maanden maïs zal kopen en nog twee dekens voor de kinderen (die anders onder een katoenen doek op een matje slapen) en nog een paar stukken zeep en dan komen ze op zondagmorgen bij Lucy om het pakket ontvangst te nemen. Wanneer dat gebeurt ligt deze vrouw languit voor mijn voeten uit dankbaarheid. Lucy is met mijn portemonnee gaan winkelen en dat kost mij dan ongeveer € 25,00. Ik merk daar natuurlijk niets van, al kan ik het niet voor elke patiënt blijven doen. Ik heb de armoede in een jaar tijd groter zien worden. Ik heb in eerdere jaren niet de behoefte gevoeld om mensen daadwerkelijk te ondersteunen moet voedsel, het was ook niet nodig, maar nu is er echt honger en gezien het veranderde klimaat wordt het er niet beter op.

Dit jaar zie ik ook, meer nog dan in vorige jaren, dat volwassenen en de iets ouders jeugd wegtrekt naar de stad, omdat daar iets meer circulerend geld is in die hoop daar nog meer kansen te krijgen dan op het land. Daar groeit inmiddels te weinig voedsel.

Ik weet dat er meer moet gebeurden dan alleen maar mensen behandelen in de kliniek. Ik weet dat overheden dit niet gaan regelen. Ik weet dat voordat de VN hier zal komen, de ramp zich al voltrokken heeft: dan zijn er al grote stromen mensen vertrokken en blijven de jonge kinderen en oude oma’s over. Niet eerder zag ik zoveel gogo’s (grootmoeders) met hun kleinkinderen in de kliniek. Volwassenen trekken weg. De overheid in Malawi…..? Die is op het zuiden gericht. Ik zie dat het noorden van Malawi aan het eigen lot wordt overgelaten. De Kwacha wordt steeds minder waard, de meeste Kwacha’s zitten in het zuiden en de gewone mensen…… Ze lopen naar de kliniek vanwege diarree, huiduitslag, hoest, rugpijn door het harde werken, buikpijn, epilepsie, benauwdheid door het stof. Ze vragen om behandeling en ze vragen soms om eten…….

Thuis gekomen van deze reis vertel ik Joyce wat ik gezien en meegemaakt heb. We gaan een stichting beginnen. Iets als ‘Homeopathie voor Malawi’ of zo en dan waar het mogelijk is, ook nog wat eten uitdelen. Ik kan niet meer doen alsof het probleem niet bestaat. Ik ben weer thuis gekomen na de reis en zie de rijkdom, in ons werelddeel, in ons land, in ons dorp, bij mezelf. Ik kan er wat aan doen dáár, en daarom ga ik dat ook doen. Hoe en wat? We hebben een plan. Wil je een handje helpen? Graag. Verzamel geld en we zorgen dat Lucy er maïs voor kan kopen. Kijk op www.zorgvoormalawi.nl en volg Facebook Zorg voor Malawi. Geen ingewikkelde organisatie en geen bureaukosten: gewoon geld voor maïs en gratis behandeling (en een stukje zeep).

Dit jaar meldde Andrea dat patiënten hem niet hoefden te betalen. Ze kwamen met tientallen. Die € 0,35 voor een behandeling hebben ze niet. Dat maakt voor hen het verschil om wel of niet naar de kliniek te komen. Overigens….. ze kwamen lopen van heel ver. Soms wel 6 uur heen (en dus ook weer terug). Waarom? Omdat ik daar was en omdat ze dachten dat ik hen kon helpen. Kon ik dat? Ja, gelukkig wel. Of homeopathie werkt is hier in Nederland volop een discussie. Dáár helemaal niet. Ze lopen 6 uur om de witte man te zien die dan (hooguit) 10 minuten met hen praat en dan krijgen ze een flesje mee. Zij hebben de verwachting en de hoop (bijna de zekerheid), dat het werkt en ik doe mijn best. Met mijn kennis en ervaring moet het kunnen, kan het ook. Dat heb ik met eigen ogen gezien. Wat een genot op mijn leeftijd. Wil je mee om het met eigen ogen te aanschouwen? Weest welkom en ga mee. Ik reken je even voor wat het kost (ongeveer € 2.500) en je hebt een ervaring voor je leven. Stop wat meer in je portemonnee en doe mee met uitdelen. Je wordt er gelukkiger van, dat weet ik zeker.

Zieke kinderen

Het merendeel van de 483 patiënten die ik zag waren kinderen. Niet verwonderlijk. Er zijn er ook zo veel van. De meesten van hen halen de middelbare leeftijd niet. Vóór hun twintigste is al meer dan een derde van hen overleden aan gevolgen van ondervoeding, brandwonden, diarree, malaria, aids etc. etc. Elke patiënt en dus ook elk kind heeft een ‘boekje’. Dat is een boekje waarin elke gezondheidswerker bij elk bezoek de diagnose van de gepresenteerde klacht noteert en ook de toegepaste therapie al dan niet met medicijnen. Gezien de dramatisch slechte gezondheidszorg lees je in die boekjes bijna altijd de combinatie van klachten ‘cough and fever’ en als medicijnen worden genoemd: paracetamol, amoxycilline, bactrim en cotrim. Het lijkt wel dat onafhankelijk van welke klacht dan ook deze medicijnen in grote hoeveelheden worden voorgeschreven. De reguliere gezondheidszorg buiten de steden is slecht, maar wel gratis. In de steden kost het wat geld, m.n. de medicijnen moeten daar betaald worden. Omdat consulten in het ‘ziekenhuisje’ van Mwazisi (het dichtst bij Mphangala) gratis zijn en omdat er bij Andrea dus per consult € 0,35 betaald moet worden gaan ouders zonder enig geld (en anderen ook wel) naar dat ziekenhuisje toe. Hoe dat verloopt kon ik teruglezen in de ‘boekjes’. Daar word je niet vrolijk van. Het niveau van de dienstdoende arts is dramatisch en de bejegening is navenant: patiënten worden afgeblaft, uitgescholden en soms geslagen. Het is niet vrolijk wat ik te horen kreeg. Ruim voordat ik afreisde naar Malawi heeft Andrea bekend gemaakt dat de patiënten – wanneer ik er zou zijn – niet zouden behoeven te betalen en dus kwamen ze van heinde en verre (en ook van dichtbij). De boekjes geven, behalve veel dramatiek, ook aardige informatie te lezen. Bij voorbeeld over het verloop van de zwangerschap en de geboorte. De meeste kinderen komen gezond ter wereld en wanneer de moeder voldoende moedermelk heeft is er voorlopig geen vuiltje aan de lucht. Zou je denken….. Het medisch bedrijf (misschien kun je ook wel lezen ‘ontwikkelingshulp samen met Big Pharma’) heeft bedacht dat kinderen op de tweede dag van hun leven gevaccineerd dienen te worden tegen TBC met BCG en een maand later start een compleet vaccinatie programma. Hoe kinderen daarop reageren telt bij het vervolgen van het programma niet mee en bij zeer veel kinderen zie je in het ‘boekje’ staan dat ze maandelijks (soms nog vaker) het ziekenhuis bezoeken wegens koorts en hoest en weer huiswaarts keren met de volgende hoeveelheid pijnstillers en antibiotica. Daarvan worden alleen de aandeelhouders van Big Pharma beter. Het kind zeker niet. Dat wordt alleen maar zieker en zieker en het is werkelijk schokkend wat ik ben tegengekomen. Ik heb (nog) niet geturfd, maar ik hebt zeker wel 25 tot 30 kinderen van omstreeks een jaar gezien die van de ene antibiotica kuur naar de volgende gaan. Bijna niemand denkt na en de enkele ouder die twijfelt aan de gevolgde procedure komt van een koude kermis thuis. Vaccineren is verplicht en als jouw kind een aantal vaccinaties gemist heeft, worden ze bij een volgend bezoek aan het kliniekje (ziek of niet) in één keer ingehaald. Dat betekent dat er geregeld zeer zieke kinderen gevaccineerd worden. Natuurlijk is er van alles te zeggen over wel of niet vaccineren, maar het is gevoeglijk bekend dat zieke kinderen niet gevaccineerd moeten worden. Helaas weet men dat daar niet. Niemand denkt na. Voor de kinderen een ramp. Daar komt het volgende nog bij. De farmaceutische industrie wordt door diverse landen ingehuurd om in zgn. ontwikkelingslanden vaccinatie programma’s uit te voeren. Dat gebeurt in Afrika met vaccins die in Europa en de USA al lang niet meer gebruikt worden vanwege de inhoudsstof ‘thimerosal’ (een kwikverbinding) en ook omdat ze goedkoper zijn. In plaats van die vaccins te vernietigen worden ze op grote schaal in Afrika gebruikt en alleen de aandeelhouders van Big Pharma worden daar beter van. Wie hierover de achtergronden wil lezen kan terecht in het artikel “First Do No Harm: Scientific Evidence Implicating Allopathic Vaccination”, Neil Z. Miller, Homeopathic Linkis 2/16, ISSN 1019-2050, Volume 29, 2016, Summer, p. 91 – 96. Een vertaling in het Nederlands staat op deze site onder het kopje 'Vaccinatie'. Wat daar staat (vooruit maar: wetenschappelijk onderbouwd) ga je niet geloven. Dat dergelijke'rotzooi' nog steeds in kinderen wordt geïnjecteerd mag een grof schandaal genoemd worden. Op dit moment werk ik aan een artikel genaamd “Vaccination in Malawi, an assault to the children of Africa”. Beste lezers en lezeressen: het is erg, het is heel erg.

Het is erger dan een paar jaar geleden. Het aantal zieke kinderen is groter dan voorheen, niet omdat ze ziek, zwak en misselijk geboren worden. Tot en met de bevalling is er meestal niets aan de hand. Laat ze met rust, geef ze moedermelk te drinken en de meesten zullen het heel goed doen. Nu niet. Nu worden ze door de meest stompzinnige therapieën en behandelingen zieker dan ze al zijn. Ik kan er niets aan doen. Ik zie het aan. En wij, Nederlanders en Europeanen, denken dat we er goed aan doen om ontwikkelingshulp te bedrijven. Het is twintig keer beter om niets te doen. En God verdoeme Big Pharma die zich niets gelegen laat liggen aan de kinderen van Afrika. “Is het zo erg, Arjen?” “Ja, het is zo erg!” “Ben je echt zo boos?” “Ja, ik ben echt zo boos!”

Wat kon/kan ik doen? Ik kan een goeie diagnose van de situatie maken. Ik kan zien of een hoestend kind hoest omdat die voortkomt uit een hoestend geslacht en ik dus miasmatische nosoden moet inzetten, of dat de hoest voortkomt omdat het immuunsysteem door de vaccinaties op grove wijze wordt gebruuskeerd en de vaccinaties dus ontstoord moeten worden. Dat kan allemaal, maar dan moet het wel gebeuren. En….. de ouders moeten de mogelijkheid hebben om, net als in het ziekenhuisje van Mwazisi, ook bij Andrea zonder geld naar binnen te kunnen. Daartoe is geld nodig. Geld om Andrea voor zijn werk te kunnen betalen. Een heleboel keer € 0,35 om het mogelijk te maken dat al die ouders en grootouders met die kinderen met hoest en koorts een adequate therapie kunnen krijgen. Misschien geloof je niet dat homeopathie dit kan. Dat hoeft ook niet. Je mag mee om te kijken wat er in de kliniek gebeurt. Je mag mee om de boekjes te lezen en goed te interpreteren en je mag naar de kinderen kijken die wezenloos op de schoot van hun moeder liggen te liggen, doodziek gemaakt door ondoelmatige en stompzinnige gezondheidszorg. Geloof mij niet voordat je het met je eigen ogen hebt gezien. Woon je in Nederland en heb je kinderen of kleinkinderen: dank de hemel op je blote knieën dat zij in Nederland wonen en als ze al gevaccineerd worden, ze in ieder geval geen kwikverbindingen ingespoten krijgen. In Afrika gaat het nog wel even door: een vaccin met kwik is een paar dubbeltjes goedkoper dan een vaccin zonder kwik. Tel uit je winst. In het te schrijven artikel zal ik het allemaal netjes onderbouwen. In mijn dagboek mag je lezen hoe ik mij voelde tijdens de dagen dat die stromen aan kinderen aan mij voorbij gingen en ik het ene na het andere ‘boekje’ aan een nader onderzoek onderworp. “Het is erger dan je denkt. Als je denkt is het nog erger.” 

De lasbril

Het is woensdag, 17 augustus 2016, laat in de middag. Lara zit bij de kapper. Ik heb nog een rondje markt gedaan. Griffin, onze taxichauffeur en altijd zeer behulpzaam, heeft verteld dat de bananenverkoopsters (grote en zware manden op het hoofd) helemaal onderaan de maatschappelijke ladder staan. Ze moeten de bananen eerst inkopen en vervolgens proberen die aan de man/vrouw te brengen. Bananen kosten bijna niets en je hebt een flinke tros voor nog geen € 0,50. Voor de broer van Andrea, Herbert, die ons trof op de markt – wat ook al een heel verhaal is – had ik al een flinke tros gekocht en vervolgens die MKW 500 (€ 0,60) afgerekend door MKW 1000 (€ 1,20) te geven met de mededeling “keep the change” en dan duurt het altijd even voordat het doordringt. Daarna is het contact altijd heel leuk. Dus, bijna op de terugweg naar de lodge voor de laatste nacht in Malawi, nog maar eens een flinke tros gekocht. Echt, die paar dubbeltjes mis je niet. Inmiddels weet ik het wel: niemand heeft geld en iedereen heeft honger en je een luxe veroorloven van een snoepbanaan….. geen beste handel hoor, die bananen verkoop, maar je moet wat. Wat doe ik met zoveel bananen? Nou, gewoon uitdelen met een gezellig praatje erbij. Weet je, ik ben die dag de enige witte man op de markt en binnen de kortste keren weet iedereen het. Malawiërs zijn erg gemakkelijk in contact en als je dan nog een paar woorden Tumbuka spreekt, dan is het direct al leuk. Natuurlijk schrikken ze ook een beetje als ze mij Tumbuka horen spreken, want dan denken ze direct dat ik alles versta. Dat is natuurlijk niet zo. Ik heb overigens ook een paar scheldwoorden geleerd in Tumbuka en vooral als een gesprekje heel erg leuk verloopt kan ik die woorden ook van stal halen. Een mooie afwisseling na al dat serieuze werk in de kliniek. Wil je het ook leren? Nou, daar gaat ie dan. Stel, iemand botst tegen je op op straat, je kijkt die persoon dan boos aan en je bijt hem toe “Iwe, mbuzi!!!” en dat betekent “Jij, geit!!” Moet het nog een graadje erger dan zeg je “Iwe, ntchewe” en dat is “Jij, hond!!!” Dan ben je echt heel grof in de mond hoor. Kans is ook dat de beledigde met je op de vuist gaat. Toch is het ook leuk om langzamerhand de straattaal van Malawi te leren. Malawiërs staan er versteld van als je dat kunt. Ik hou er wel van om een beetje te dollen. Toch moet ik nog naar die lasbril toe. Daar komt ie. Ik was dus op weg naar de lodge toen ik, bananen uitgedeeld, omstreeks half vijf het centrum van Mzuzu uitliep. Langs de kant van de weg zijn overal kleine ondernemingen en zo kwam ik ook langs een bedrijfje waar ijzeren kozijnen in elkaar gelast werden. Wat schetst mijn verbazing? Dat zit een jongen van een jaar of 15 te lassen zonder lasbril. En ook niet even een enkele tel, maar de hele tijd maar door. Dat gaat hem echt zijn ogen kosten als hij dat nog even volhoudt. Ik stond er met verbazing naar te kijken en een paar mannen zagen mij kijken. We raakten natuurlijk aan de praat en ik zei wat ik zag. “Geen geld”, zeiden ze. Ik zei: “Wat kost een lasbril?” Zij: “MKW 4.500”, ongeveer € 5,00. Ik zei: “Als ik dat aan hem geef koopt hij cola en geen lasbril.” Toen zeiden ze: “Nee, dat doet hij niet, hij koopt echt een lasbril. Maar…. geef ons dat geld en wij gaan een goeie lasbril voor hem kopen.”. En zo gebeurde het: ik gaf ze MKW 5.000 en zij kochten voor een arme jongen een lasbril. Of het zijn ogen ook nog hielp? Ik weet het niet. Ik was al onderweg naar mijn lodge. Wel weer een paar leuke gesprekjes gehad. Ik hou van dat land en de mensen. Zijn ze anders dan elders in Afrika? Ik kan alleen een beetje vergelijken met Kenia uit 2008. Ik ben inmiddels gewend aan Malawi, ik ken er nu mensen en ik spreek de taal een heel klein beetje. Ik kan netjes ‘goeie morgen’ zeggen en schelden als het nodig is. Dat is het overigens nooit hoor.

Contact

De Kragge 47
8483 JV Scherpenzeel (Fr.)

Tel. 0561 480 950

Zie 'Contactgegevens'